keuzehulp

Welke lamp kies ik voor het verlichten van mijn huis?

Lampen zijn er in vele soorten en maten. Maar welke lamp gebruik je nu waarvoor? KARWEI zet de verschillende lampen met alle voor- en nadelen op een rijtje.

Spaarlamp

Een spaarlamp is een soort opgevouwen tl-buisje met een normale fitting. Ongeveer 35 procent van de energie wordt omgezet in licht.

Voordelen:
Energielabel A of B (zuiniger dan gloeilamp).
Lichtkleuren variëren van koel wit tot warm gelig.
Langere levensduur dan gloeilamp: 5.000 tot 9.000 branduren (6 tot 15 jaar).

Nadelen:
- Langere opstarttijd tot volle lichtsterkte.
- Duur in aanschaf.
- Niet allemaal dimbaar (zie verpakking).

Bekijk nu

Halogeenlamp

Een halogeenlamp is gevuld met gas en een klein beetje halogeen. De halogeenlamp is twintig procent zuiniger dan een gloeilamp.

Voordelen:
Direct volledig licht.
Langere levensduur dan gloeilamp: 2.000 branduren (2 tot 4 jaar).
Sfeervoller licht dan dat van de spaarlamp.
Altijd te combineren met gloeilampdimmer.

Nadelen:
Energielabel D (minder zuinig dan spaar- en ledlampen).

De eco-halogeenlampen zijn twintig procent zuiniger dan gewone halogeenlampen.

Bekijk nu

LED-lamp

LED (light emitting diode) is een soort chip die licht geeft als er stroom doorheen gaat. Een LED-lamp zet ongeveer vijftig procent van de energie om in licht.

Voordelen:
Energielabel A (zeer zuinig: ledlampen zijn tot wel tachtig procent zuiniger dan gloeilampen).
Langste levensduur van alle lampen: 25.000 branduren (ongeveer 25 jaar).
Geeft direct volledig licht.

Nadelen:
Duur in aanschaf.
Niet allemaal dimbaar (kijk op de verpakking).
Minder lichtspreiding dan bij halogeen- of spaarlamp. Er zijn veel LED's (en dus lumen) nodig om een hele ruimte te verlichten.

Bekijk nu

Lampen kiezen en vinden bij KARWEI

Hieronder vind je een overzicht van welke soort lamp met welk wattage/aantal lumen je bij een bepaalde toepassing of in een bepaalde ruimte nodig hebt:

Deze keuzehulp komt voor in