Gipsplaten afwerken

Klusniveau: Gemiddeld

Leer hoe je een wand of plafond van gipsplaat netjes afwerkt. Zo krijg je een mooie gladde basis voor schilderen of behangen.

Beoordeel dit advies!

(39 stemmen)
Deel op Hyves

Stappenplan

Bekijk de overzichtstekening voordat je aan de klus begint.

1

Eerst vul je de naden en schroefgaten tussen de platen met gipsplaatvuller. Het vullen van de naden gaat het gemakkelijkst met een stucspaan. Voor de schroefgaten gebruik je een plamuurmes. Verwijder overtollige gipsplaatvuller direct. Breng zonodig een tweede laag aan om de laatste oneffenheden glad te maken.

2

Plak nadenband over de naden tussen de platen. Plaats op de hoeken een hoekbeschermingsprofiel.

TIP!

Stucsperen kunt je vastzetten met een paar dotten stucspecie.

3

Behandel de gipsplaten met een voorstrijkmiddel en laat dit 12 uur drogen. Stuc de platen vervolgens met behulp van het stappenplan stucen.

4

Om de gipsplaten te schilderen, bewerk je ze op dezelfde manier voor. Vul de naden en schroefgaten tussen de platen met gipsplaatvuller. Het vullen van de naden gaat het gemakkelijkst met een stucspaan. Voor de schroefgaten gebruik je een plamuurmes. Verwijder overtollige gipsplaatvuller direct. Breng zonodig een tweede laag aan om de laatste oneffenheden glad te maken.

5

Als de gipsplaatvuller droog is, schuur je de platen glad.

6

Je kunt de naden tussen de gipsplaten ook open laten. In dat geval breng je een dunne rilacrylaatkit op de naden aan. Strijk de kit glad met een in zeepsop gedompelde natte vinger. Zo dicht je de kieren tussen de afzonderlijke platen.

7

Behandel de platen met voorstrijkmiddel en laat dit minimaal 12 uur drogen.
Schilder de platen vervolgens af met muurverf. Je nieuwe wand of plafond is nu netjes afgewerkt.

TIP!

Bij KARWEI kun je de muur- of plafondverf laten mengen in je favoriete kleur.

Terug naar boven