Bloembollenwijzer

Klusniveau: Eenvoudig

KARWEI verkoopt in het najaar een ruim assortiment bol- en knolgewassen. Bekijk de kenmerken van de meest populaire bloembollen. Lees in deze klusinstructie hoe diep, waar en wanneer je de bloembollen moet poten.

Stappenplan

Bekijk de overzichtstekening voordat je aan de klus begint.

TIP!

Controleer bij aanschaf of de bollen in goede staat verkeren. Ze moeten stevig aanvoelen en mogen geen zachte plekken of schimmelvorming vertonen. Hoe groter de bol, hoe beter hij het zal doen.

1

In de overzichtstekening hierboven staat een overzicht van de meest populaire bloembollen en hun kenmerken.

2

In het algemeen bedraagt de pootdiepte 3x de diameter van de bol. Alleen in zware kleigrond is een diepte van 2x de boldiameter beter.

3

Bloembollen staan mooier als ze in clusters dicht bij elkaar gepoot worden. Wil je een tuin met een natuurlijke uitstraling? Poot de bollen dan niet in een regelmatig patroon, maar strooi ze vanuit de hand uit en poot ze daar waar ze terechtkomen.

TIP!

Bekijk ook eens de ‘Zaaikalender’ van KARWEI.

4

Als je ook narcissen, krokussen of sneeuwklokjes in het gazon poot, dan staan ze in het voorjaar niet zo verloren tussen de nog kale struiken. Steek een graszode los, klap hem om, plant de bollen, leg de graszode weer terug en duw hem stevig aan.

5

De meeste bolgewassen zijn voorjaarsbloeiers en moeten in het najaar gepoot worden. Er bestaan ook zomerbloeiers, zoals begonia, gladiool, amaryllus, lelie. Deze plant je vroeg in het voorjaar, zodra de vorst uit de grond is.

TIP!

Bekijk voor meer tips ook het stappenplan ‘Bloembollen poten’.

Terug naar boven

Bijpassend assortiment

Bekijk alle assortimentsgroepen