Bloembollen poten

Klusniveau: Eenvoudig

Het najaar is de tijd om bloembollen te poten. Bloembollen van goede kwaliteit voelen stevig aan en vertonen nergens schimmelplekken. Deze beschrijving gaat over bloembollen poten in de volle grond. Bekijk ook de informatie op de verpakking. Op naar een voorjaar vol bloemen!

Beoordeel dit advies!

(10 stemmen)
Deel op Hyves

Stappenplan

Bekijk de overzichtstekening voordat je aan de klus begint.

TIP!

Bekijk ook de ‘Bloembollenwijzer’ van KARWEI.

1

Op het etiket op de verpakking staat of het bolgewas van zonnige, halfbeschaduwde of schaduwrijke plekken houdt. De meeste bolgewassen houden van een zonnige of halfbeschaduwde plaats. Er zijn echter ook soorten die het goed doen op schaduwrijke plekken. Zoals het sneeuwklokje en kievitsei en de anemoon en bos-hyacint.

2

Je geniet optimaal van bloembollen als je soorten kiest met een verschillende bloeitijd. Met een doordacht plantschema zal je tuin van januari tot april tekens op een andere plek opbloeien. De bloeitijd van de bollen staat op de verpakking.

TIP!

Houd ook rekening met de groeihoogte van de geplante bloembollen. Zo voorkom je dat er straks laag-bloeiers achter hoog-bloeiers staan.

3

Om te voorkomen dat je de bloembollen per ongeluk wegschoffelt, is het verstandig om ze te poten tussen bodembedekkers of onder bladverliezende heesters of struiken te poten. Dat zijn plaatsen waar in het voorjaar slechts weinig onkruid opkomt.

4

Met name krokussen en kleine hyacinten gedijen uitstekend in het gazon. Als ze uitgebloeid zijn kan je ze samen met het gras wegmaaien. Het volgend voorjaar komen ze vanzelf weer terug.

5

Bloembollen houden van luchtige en licht humeuze grond. Meng daarom zonodig wat compost door de aarde. Ook het toevoegen van wat kalk of beendermeel komt de bloei ten goede. Zware kleigrond dien je te mengen met zand. Bewerk de grond met een tuinklauw, zodat hij een kruimelige structuur krijgt.

6

De pootdiepte staat meestal op de verpakking vermeld. Zo niet, houd dan deze vuistregel aan: de diepte van het gat = 3x de diameter van de bloembol.

7

Gebruik een bollenplanter om gemakkelijk een gat in de grond te maken. Plaats de bloembol in het gat. Druk de bloembol lichtjes iets in de grond om te voorkomen dat deze omvalt. Dek de bloembol toe met de weggehaalde aarde.

8

Ga je veel bollen poten? Graaf dan met een bats een deel van de grond uit tot de juiste diepte. Rangschik de bloembollen overzichtelijk en gelijkmatig. Druk ze licht iets in de grond om te voorkomen dat ze omvallen. Dek de bloembollen toe met de weggeschepte aarde.

TIP!

De verpakking vermeldt meestal de onderlinge pootafstand, maar deze is vaak aan de ruime kant. Je krijgt een mooier bloeiresultaat als je de bollen dichter bij elkaar poot.

Terug naar boven